DE BETEUGELING VAN DE CORONA-INBREUK

DE HANDHAVING VAN DE CORONAMAATREGELEN

De voorbije maanden werden we allen geconfronteerd met de zogenaamde coronamaatregelen of lockdown maatregelen. De naleving van deze maatregelen werd intensief gecontroleerd door de politiediensten en de vraag stelt zich wat precies het gevolg kan zijn van de vermeende inbreuken.

DE GEWONE STRAFRECHTELIJKE AFHANDELING

Een inbreuk op de coronamaatregelen is een misdrijf zodat deze in principe strafrechtelijk wordt afgehandeld. Op grond van artikel 10 van het Ministerieel besluit van 23 maart 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus covd-19 te beperken (BS 23 maart 2020) werden de inbreuken op de maatregelen strafbaar gesteld met een gevangenisstraf van 8 dagen tot 3 maanden, en/of een geldboete tussen € 208,00 en € 4.000,00.

In de meeste gevallen zal men echter niet overgaan tot dagvaarding voor de rechtbank en zal een minnelijke schikking worden voorgesteld. Er zijn immers duidelijke en ondubbelzinnige instructies dat eerste overtreders altijd een minnelijke schikking voorgesteld moeten krijgen (COL 06/2020 van het College van procureurs-generaal). Ook de bedragen van de minnelijke schikking zijn reeds gekend. De minnelijke schikking bedraagt € 750,00 voor handelaars en € 250,00 voor niet-handelaars.

Indien het echter geen eerste inbreuk betreft of de inbreuk gaat gepaard met andere inbreuken zal in principe wel worden gedagvaard. De rechtbank zal dan oordelen of er al dan niet sprake is van een misdrijf, en desgevallend een straf opleggen. Zij heeft echter wel de mogelijkheid om ondermeer een opschorting of uitstel te verlenen van de gevangenisstraf en/of geldboete.

DE GASBOETE

In sommige gemeenten en steden wordt geopteerd om een gemeentelijke administratieve sanctie op te leggen, beter bekend als de GAS-boete.De wetgever heeft immers voorzien dat een inbreuk op de coronamaatregelen ook kan worden beteugeld door een GAS-boete.De GAS-boete bedraagt steeds € 250,00.

Indien men een GAS-boete oplegt zal er geen strafrechtelijke afhandeling zijn door de parketten van de Procureur des Konings tenzij er sprake is van samenloop met andere misdrijven die niet met een GAS-boete kunnen worden gesanctioneerd, meerdere inbreuken of wanneer het een minderjarige betreft.

Tegen een GAS-boete kan men bezwaar formuleren bij de sanctionerende ambtenaar binnen een termijn van 30 dagen na de kennisgeving van de vaststelling van de inbreuk door de sanctionerende ambtenaar. Als de sanctionerende ambtenaar alsnog de GAS-boete bevestigt kan binnen een termijn van 30 dagen nog een beroep worden ingesteld bij de politierechtbank. Tegen de beslissing van de politierechtbank is geen hoger beroep mogelijk. Een cassatieberoep is echter wel nog mogelijk.

WAT BIJ MINDERJARIGEN?

Een minderjarige kan vanaf 12 jaar verantwoordelijk worden gesteld voor zijn daden.Indien een minderjarige de coronamaatregelen schendt zal niet het conventionele strafrecht maar het jeugddelinquentierecht van toepassing zijn.

Ook hier beschikken de parketten van de Procureur des Konings over andere reacties dan een dagvaarding voor de rechtbank.Zo kan de zaak worden geseponeerd na uitvoering van enkele voorwaarden (bv. volgen van vorming, opleiding of een leerproject, verbod op bepaalde plaatsen te verblijven,…) of na uitvoering van een positief project.

Indien men echter van mening is dat een sterker signaal nodig is kan de minderjarige worden gedagvaard voor de jeugdrechtbank. De jeugdrechtbank beschikt over een arsenaal aan reacties om de minderjarige terug op het rechte pad te krijgen zoals het herstelrechtelijk aanbod van bemiddeling of herstelgericht groepsoverleg. Een geldboete kan niet worden opgelegd door jeugdrechtbank.

Een minderjarige dient ook nooit zelf op te draaien voor de kosten van een advocaat aangezien deze steeds recht heeft op een pro-deo advocaat.

Een GAS-boete voor een corona-inbreuk is in principe niet mogelijk aangezien de wetgever expliciet heeft gesteld dat een overtreder van de coronamaatregelen die minder dan 18 jaar oud is geen GAS-boete kan opgelegd krijgen.

 

Laurent Van De Keere
2020-06-12 16:21:55

PANORAMAVRIJHEID

De wetgever heeft voorbije zomer de panoramavrijheid ingevoerd in het Belgisch auteursrecht.

De wet (Wet van 27 juni 2016 tot wijziging van het Wetboek van economisch recht met het oog op de invoering van de panoramavrijheid) bepaalt dat de toestemming van de auteur of rechthebbende niet noodzakelijk is om een werk dat zich in het openbaar domein bevindt te reproduceren.

Praktisch gezien is het dus sinds deze wetswijziging mogelijk om zonder voorafgaande toestemming foto’s te nemen van gebouwen, standbeelden, straatgraffiti en andere auteursrechtelijk beschermde werken die zich op permanente wijze in het openbaar domein bevinden.

De wetswijziging is een noodzakelijk gevolg van de technologische vooruitgang van de voorbije jaren, die het mogelijk maakte om met een vingerknip beelden te nemen en deze vervolgens te delen (bv. via sociale media zoals facebook, snapchat, instagram,... ).

De wetgever heeft echter wel een zekerheid ingebouwd voor de auteur of rechthebbende door te bepalen dat de reproductie en mededeling van het werk wel dient te gebeuren “zonder afbreuk te doen aan de normale exploitatie van het werk en geen onredelijk schade wordt berokkend aan de wettige belangen van de auteur”.  Op die manier kan de auteur of rechthebbende zich alsnog verzetten tegen de reproductie.  De begrippen ‘normale exploitatie’ en ‘onredelijke schade aan de wettige belangen’ zullen echter nog invulling moeten krijgen door de rechtbanken en Hoven, die geval per geval zullen beoordelen.

Laurent Van De Keere
2016-10-11 14:32:51

DAGVAARDING POLITIERECHTBANK?

Sinds de inwerkingtreding van de laatste Potpourri II wet zijn de regels aangaande het verzet in strafzaken gewijzigd. Teneinde de werklast van de rechtbanken te verlichten, en de duur van het proces in te korten, werd een wijziging doorgevoerd aangaande het verzet in strafzaken in het kader van het justitieplan van Minister van Justitie Koen Geens.

Deze wijziging heeft als gevolg dat gedaagden die zonder goede reden niet komen opdagen op de zitting van de rechtbank de gunst van het verzet wordt geweigerd. Volgens de oude regels was het echter mogelijk om niet op te dagen op de zitting en vervolgens zonder enige opgave van reden verzet aan te teken, waardoor het proces opnieuw werd gedaan. 

Indien u dus zonder goede reden niet komt opdagen na een dagvaarding voor de politierechtbank is er geen mogelijk om nog in verzet te gaan en staat enkel nog beroep open. Als u zelf niet kan gaan naar de zitting kan u een advocaat vragen om u te vertegenwoordigen op de zitting. Op die manier worden uw belangen optimaal verdedigd.

Laurent Van De Keere
2016-08-16 17:44:16

NIEUW REGELS VOOR HUUR VAN KORTE DUUR (POP-UP’S)

INLEIDING

Het straatbeeld in onze winkelcentra is de laatste jaren flink gewijzigd door de komst van de zogenaamde ‘pop-up ’s’. Het zijn handelszaken die slechts voor korte duur de deuren openen. Op die manier worden leegstaande panden alsnog verhuurd en is er een mogelijkheid voor beginnend ondernemers om hun concept te testen zonder al te veel risico. 

Teneinde een kader te creëren voor de zogenaamde ‘pop-up huur’ werd sinds kort een nieuw decreet uitgevaardigd door de Vlaamse wetgever, met name het Decreet van 17 juni 2016 houdende huur van korte duur voor handel en ambacht.

De doelstelling van het nieuwe decreet is om, rekening houdend met de belangen van zowel de huurder als de verhuurder, een passend en hedendaags kader te creëren. De handelshuurwet van 30 april 1951 bood immers geen gepast wettelijk kader voor de ‘pop-up huur’. Zo is de handelshuur bijvoorbeeld gekenmerkt door de lange duur (minstens 9 jaar) en strikte opzegginsformaliteiten.

TOEPASSINGSVOORWAARDEN

Het decreet is van toepassing op alle huurovereenkomsten voor onroerende goederen of delen van onroerende goederen gelegen in Vlaanderen die door de huurder gebruikt worden voor het uitoefenen van een kleinhandel of het bedrijf van de ambachtsman, waarbij er rechtstreeks contact is tussen de huurder en het publiek en die uitdrukkelijk is gesloten voor een termijn die gelijk is aan of korter dan één jaar.

GEVOLGEN

De huur van korte duur neemt een einde zonder opzegging en van rechtswege op het eind van de duur. De partijen dienen dus in principe geen enkele formaliteit te voldoen om de huurovereenkomst een einde te laten nemen. Er kan in geen geval sprake zijn van een stilzwijgende verlenging van de overeenkomst.

De huurder kan echter wel, mits in acht name van een opzegtermijn van één maand, ten allen tijde de huurovereenkomst vervroegd opzeggen per aangetekend schrijven of gerechtsdeurwaardersexploot.

Indien niets anders is overeengekomen kan geen sprake zijn van een uitzettingsvergoeding.

Bovendien kan bij een overdracht van eigenaar de nieuwe eigenaar de huurder niet uitzetten.

Indien niets anders is overeengekomen vallen de belastingen met betrekking tot het onroerend goed ten laste van de verhuurder.

De kosten voor nutsvoorzieningen zijn steeds ten laste van de huurder en kunnen met alle middelen van recht bewezen worden.

Tenzij schriftelijk anders is overeengekomen heeft de huurder het recht aan het gehuurde goede elke verbouwing uit te voeren die dienstig is voor zijn onderneming en waarvan de kosten een jaar huur niet te boven gaan, op voorwaarde dat daardoor noch de veiligheid, noch de salubriteit, noch de esthetische waarde van het gebouw in het gedrang komen, en op voorwaarde dat hij de verhuurder hiervan voor de aanvang van de werken schriftelijk in kennis stelt.

Indien werken worden uitgevoerd zonder de vereiste toestemming van de verhuurder of zonder dat de dienaangaande voorwaarde vervuld zijn kan éénvoudig weg per beschikking van de vrederechter de werken stopgezet worden op vraag van de verhuurder.

De verhuurder kan ten alle tijd de werken controleren.

De uitvoering van de werken is steeds op risico van de huurder.

De verhuurder is geen vergoeding verschuldigd ten gevolge van door de huurder uitgevoerde werken en kan zelfs, behoudens iets anders contractueel werd bepaald, de verwijdering van de uitgevoerde werken vorderen.

Overdracht van huur of onderverhuur is ten allen tijde verboden.

INWERKINGTREDING

Het decreet is niet van toepassing op lopende overeenkomsten afgesloten voor 1 augustus 2016.

Het decreet is van toepassing op de nieuwe overeenkomsten gesloten vanaf 1 augustus 2016.

BESLUIT

Met het nieuw kader voor de ‘pop-up huur’ komt de wetgever enigszins tegemoet aan de wijzigende economische realiteit en verwachtingen van ondernemers. Nochtans zal een juridische redactie van de huurovereenkomst vaak nog steeds nuttig zijn – zelf in geval een pop-up – aangezien nog steeds vele zaken contractueel kunnen bepaald worden

Laurent Van De Keere
2016-08-16 17:22:15
Disclaimer & privacy